Vennootschapsbelastingplicht voor jeugdzorginstellingen?

10 oktober 2017 - De vraag of het bieden van jeugdhulp onder de vennootschapsbelasting valt, blijft de gemoederen bezighouden. Staatssecretaris Wiebes van Financiën heeft op maandag 2 oktober 2017 antwoord gegeven op Kamervragen over deze kwestie. Conclusie is dat jeugdhulpverleners met een zorgvrijstelling geen vennootschapsbelasting verschuldigd zijn.

Risico op vennootschapsbelastingplicht

Lange tijd speelde de vennootschapsbelasting bij jeugdzorginstellingen geen of slechts een bescheiden rol. Met de invoering van de Jeugdwet in 2015 is vennootschapsbelasting echter weer van belang voor jeugdzorginstellingen. De invoering heeft gezorgd voor een wijziging van subsidiebekostiging naar bekostiging op contractbasis. Het subsidiebesluit, dat er voor zorgde dat jeugdzorginstellingen geacht werden geen winstoogmerk te hebben als zij werden bekostigd door subsidies, is daardoor niet meer van toepassing. Voor deze instellingen ontstaat hierdoor een risico op vennootschapsbelastingplicht.

Zorgvrijstelling in de vennootschapsbelasting

Als een jeugdzorginstelling vennootschapsbelastingplichtig is omdat een onderneming wordt gedreven, zijn er nog mogelijkheden om vennootschapsbelasting te voorkomen. Bijvoorbeeld met een ‘zorgvrijstelling’ in de vennootschapsbelasting. Eén van de voorwaarden voor toepassing van de zorgvrijstelling is dat sprake is van 90% of meer zorgwerkzaamheden in fiscale zin. Op basis van de huidige fiscale wet- en regelgeving dient het begrip ‘zorg’ beperkt te worden uitgelegd. Er bestaat echter onduidelijkheid over het feit of jeugdwerkzaamheden kwalificeren als zorgwerkzaamheden met betrekking tot de zorgvrijstelling.

Gevolg voor jeugdhulporganisaties

De invoering van de Jeugdwet in 2015 heeft ertoe geleid dat jeugdhulporganisaties, ongeacht de vorm waarin zij zijn georganiseerd, meestal belastingplichtig zijn voor de vennootschapsbelasting. Hierbij geldt dat als aan drie cumulatieve voorwaarden voldaan wordt, de jeugdhulporganisatie in aanmerking komt voor de zorgvrijstelling.

Fiscaaltechnisch is dat voor jeugdhulpaanbieders die in aanmerking komen voor de zorgvrijstelling een andere situatie dan voorheen. Het effect voor deze instanties is hetzelfde: er is geen vennootschapsbelasting verschuldigd. Als een jeugdhulporganisatie in aanmerking komt voor de vrijstelling, hoeft deze ook geen aangifte te doen. Komt de jeugdhulpaanbieder niet in aanmerking voor de vrijstelling, dan is vennootschapsbelasting verschuldigd over de fiscale winst.

Belastingdruk beperken

Gelet op de stelligheid van Wiebes blijkt eens te meer dat het als jeugdhulporganisatie van groot belang is om goed in beeld te hebben in hoeverre sprake is van het drijven van een onderneming, welke activiteiten door de organisatie worden uitgeoefend en of eventueel een beroep op een vrijstelling voor de vennootschapsbelasting mogelijk is. Wij helpen u graag met deze analyse. En als hieruit blijkt dat uw organisatie vennootschapsbelastingplichtig is, denken wij graag met u mee hoe de belastingdruk kan worden beperkt of zelfs voorkomen.

Meer weten over de vennootschapsbelastingplicht voor jeugdzorginstellingen?

Wilt u meer weten over het betalen van vennootschapsbelasting als jeugdzorginstelling? Neem dan contact op met Marieke van Kooten per e-mail of per telefoon: +31 (0)88 277 22 64 of met Netty van Kreveld per e-mail of per telefoon: +31 (0)88 277 10 22. Zij helpen u graag verder. 

Neem vrijblijvend contact op »

Word lid van onze nieuwsbrief »

Welzijnsinstellingen

Not-for-Profit

Share