Glazen bol

Op 15 maart 2017 vinden de verkiezingen plaats en het voorspellen van de uitslag is voor mij als kijken in een glazen bol: het levert geen inzichten op. Voor de aanstaande verkiezingen registreerden het recordaantal van 81 partijen hun naam bij de Kiesraad. Wie gaat er regeren?

Via de website van de Kiesraad zijn diverse partijprogramma’s in te zien en niet alle partijen zijn even concreet (of hebben geen website). Zo wil de Kleptocratenpartij een eind maken aan fractioneel bankieren en alle belastingmaatregelen die zij voorstellen hangen daarmee samen. Concreter wordt het niet. De Liberaal Democratische Partij stelt onder andere – kort samengevat – dat de overheid de inkomsten uit de marktconforme instrumenten teruggeeft aan de burgers, in de vorm van lastenverlichting. Géén herverdeling van inkomen. Gelukkig zijn de traditionele partijen concreter wat de doorrekeningen van de partijprogramma’s makkelijker maakt. Na de Brexit en de verkiezing van Trump is het nog lastiger in te schatten welke regering mogelijk is. Desalniettemin is het toch aardig om fiscaal vooruit te kijken.

Zeker is in ieder geval dat Nederland de komende jaren de zogenaamde EU-anti-belastingontwijkingsrichtlijn (ATAD) dient te implementeren. Op 5 oktober 2015 publiceerde de OESO haar vijftien actieplannen voor het zogenoemde Base Erosion (grondslaguitholling) and Profit Shifting-Programma (winsten worden verschoven naar landen met een lager tarief). Dit programma heeft als doel om internationale belastingontwijking door bedrijven tegen te gaan. Deze actieplannen waren ‘soft law’. De ATAD betreft ‘hard law’ die hoofdzakelijk voor 1 januari 2019 in concrete wetgeving moet worden omgezet. Dit behelst onder andere een ‘doorkijkregeling’, het tegengaan van ’hybride mismatches’ en een renteaftrekmaatregel.

Wat betekent dit concreet? Vanuit de doorkijkregeling wordt bij een gecontroleerd buitenlands belang van meer dan 50%, dat daar te laag wordt belast, ook in Nederland belasting geheven. Bij hybride mismatches is er een belastingaftrek in het ene land die niet leidt tot belastingheffing in het andere land. Voor financiële instrumenten zijn met ingang van 1 januari 2016 al reparaties doorgevoerd. De deelnemingsvrijstelling is niet van toepassing op een rentebate in Nederland als de rentebetaling in de andere lidstaat aftrekbaar is. Bij hybride entiteiten is nu nog belastingplanning mogelijk. Vanaf 1 januari 2019 wordt dit anders. Leidt een hybride structuur tot dubbele aftrek, dan wordt alleen in de betalende lidstaat aftrek toegekend. Wordt de dubbele aftrek veroorzaakt door een niet heffing in de ontvangststaat, dan wordt in het geheel geen aftrek gegeven. Bij veel multi-nationals zijn herstructureringen noodzakelijk. Verder mag een belastingplichtige straks rentekosten in aftrek brengen tot maximaal 30% van de winst vóór EBITDA, voor zover de rentekosten meer dan 3 miljoen euro bedragen. Daarnaast mogen in de nationale regels rente-aftrekbeperkingen die even effectief zijn als de voorgestelde bepalingen van de richtlijn tot 1 januari 2024 blijven bestaan. Nederland is al volop bezig met de aanpassing van haar specifieke renteaftrekbeperkingen.

Het belangrijkste is dat de ATAD een minimum maatregel is en dat ieder Europees land – dus ook Nederland – de EU anti-belastingontwijkingsrichtlijn moet invoeren. Nederland mag strenger handelen en ongeacht of en wanneer een regering wordt gevormd, Nederland moet de wetgeving af hebben voor 1 januari 2019. Het bedrijfsleven weet dus in ieder geval voor een deel waar ze aan toe is. Voor de rest blijft het toch veel kijken in een glazen bol.

Meer weten?

Heeft u naar aanleiding van dit artikel nog vragen? Neem dan contact op met Dick van Sprundel per e-mail of per telefoon: +31 (0)88 277 16 17. Hij helpt u graag verder.

Downloads

Share