Mogelijkheden personeelstekort transport en logistiek

7 mei 2018 – Het aantrekken van de Nederlandse economie heeft zich voor de transportsector vertaald naar meer omzet en winst. Het ondernemersvertrouwen staat op het hoogste punt in achttien jaar. Er is echter onvoldoende personeel om deze groei bij te houden.

Dit blijkt onder meer uit een onderzoek van TLN dat zij onder haar leden heeft gehouden en waarvan de conclusies op 9 maart 2018 zijn gepubliceerd. Er is weliswaar een subsidieregeling voor ondernemers in het leven geroepen om 1.500 nieuwe chauffeurs op te leiden, maar dat is onvoldoende om het aantal openstaande vacatures in te vullen. Voor doorstromers wordt 65% van de kosten van het lesgeld vergoed en voor zij-instromers 50%.

Er zijn verschillende alternatieven om het personeelstekort op te lossen. Hieronder lichten wij deze toe:

Verschillende alternatieven voor het personeelstekort:

  • Het inschakelen van zzp-vrachtwagenchauffeurs
    Zzp’ers moeten beschikken over een Eurovergunning en een eigen vrachtwagen. In de praktijk zorgt met name het laatste vaak voor problemen, omdat dit een zeer grote investering vergt. Daarom wordt vaak gekozen voor de vorm van lease of huur. Bovendien riskeren zzp’ers die niet aan de bepalingen van de ‘modelovereenkomst beroepsgoederenvervoer’ voldoen, een navordering van de belastingdienst ten aanzien van gemiste loonheffing, mits de Wet DBA in de toekomst ongewijzigd van kracht blijft.
  • Payrolling
    Bij payrolling komt personeel van een bedrijf 'in dienst' bij de payrollorganisatie. Het juridisch werkgeverschap en de loonadministratie komen geheel voor de rekening van de payrollorganisatie. Payrollbedrijven zijn echter verplicht een aantal elementen uit de cao van de bedrijfstak toe te passen op payrollcontracten: de zogenaamde ‘inlenersbeloning’.

    Payrolling is niet geheel zonder risico’s. Zo is de opdrachtgever mede verantwoordelijk voor onder meer de loonheffingen voor payroll medewerkers. Betaalt het payrollbedrijf deze niet aan de fiscus, dan kan de fiscus deze bij de ondernemer komen halen. Bovendien zal payrolling in de toekomst aanzienlijk kostbaarder worden, indien het wetsvoorstel ‘arbeidsmarkt in balans’ wet wordt.

  • Uitzending
    Waar bij payrolling de ondernemer meestal zelf werknemers werft, doet bij uitzenden het uitzendbureau dat. Een uitzendondernemer is op grond van de ABU-cao verplicht om vanaf dag één de inlenersbeloning toe te passen. Uitzendkrachten in het beroepsgoederenvervoer hebben overeenkomstig de cao Beroepsgoederenvervoer hierdoor vanaf de eerste werkdag recht op de inlenersbeloning.

    Alleen uitzendbureaus die zijn aangewezen door de minister van Infrastructuur en Milieu mogen chauffeurs uitzenden. Een chauffeur heeft dan een verklaring van terbeschikkingstelling nodig en moet deze onderweg bij controle kunnen tonen. Het uitzendbureau moet tot slot beschikken over een aanwijzingsbeschikking uit het Kiwa-register. Uitzending is een veilige constructie als gebruik wordt gemaakt van een gecertificeerd en gespecialiseerd uitzendbureau. Het blijkt echter vaak wel een prijzige oplossing.

  • De inzet van buitenlandse vrachtwagenchauffeurs
    Veel transportbedrijven maken de laatste jaren gebruik van buitenlandse chauffeurs. Het doel is veelal het gebruikmaken van goedkopere (en daarmee beter concurrerende) arbeidsvoorwaarden. Toch blijken de Nederlandse arbeidsvoorwaarden (waaronder de cao Beroepsgoederenvervoer) vaker dan gedacht van toepassing.

    De Europese wetgeving 'Rome I Verordening' stelt dat een (arbeids)overeenkomst wordt beheerst door de rechtskeuze die werkgever en werknemer hebben gekozen. Echter, voor internationale arbeidsovereenkomsten geldt dat een rechtskeuze tussen werkgever en werknemer er niet toe mag leiden dat een werknemer de bescherming verliest van het recht dat op zijn arbeidsverhouding van toepassing zou zijn indien partijen geen rechtskeuze zouden hebben gemaakt. Dit is bijvoorbeeld het geval wanneer een Nederlandse transportondernemer Roemeense chauffeurs inschakelt, die net als hun Nederlandse collega’s hoofdzakelijk in Nederland rijden. Indien in de arbeidsovereenkomst Roemeens recht van toepassing wordt verklaard, dan geldt toch het dwingendrechtelijke Nederlandse recht, omdat de chauffeurs in Nederland gewoonlijk hun werkzaamheden verrichten.

    Juist in het internationale beroepsgoederenvervoer is hier veel discussie over. Een (internationaal) chauffeur verricht immers zijn werkzaamheden in verschillende landen. Om te bepalen welk recht en daarmee welke arbeidsvoorwaarden van toepassing zijn, wordt onder andere gekeken naar de nationaliteit van de werknemer en waar de werknemer belastingplichtig is. Daarnaast is het bepalend of chauffeurs hun werkzaamheden ‘gewoonlijk’ of ‘tijdelijk’ in Nederland verrichten. Dit kan bijvoorbeeld van invloed zijn op pensioen.

Meer weten?

Wilt u meer weten over de voor- en nadelen van bovenstaande vormen of over dit onderwerp? Neem dan contact op met Richard Ouwerling van Pellicaan Advocaten, per e-mail  of per telefoon: +31 (0)88 627 22 87 of met Alexander Rasink van Mazars, per e-mail of per telefoon +31 (0)88 277 16 15. Zij helpen u graag verder.

Neem vrijblijvend contact op

Word lid van onze nieuwsbrief

Transport en logistiek

Loonheffingen

Loonheffingen

Loonheffingen

Of u nu nationaal of internationaal actief bent, elke inhoudingsplichtige krijgt regelmatig te...

Share