Aangepaste normen Erkenningsregeling goededoelenorganisaties

19 november 2020 – De Commissie Normstelling heeft een aantal aanpassingen doorgevoerd in de normen van de Erkenningsregeling voor goededoelenorganisaties. Deze aanpassingen zijn, na een zorgvuldige consultatie van de sector, op 10 november 2020 doorgevoerd en gelden per 10 februari 2021.

Commissie Normstelling

Het vaststellen van de normen van de Erkenningsregeling voor goede doelen gebeurt sinds 2017 door een onafhankelijke commissie. In deze Commissie Normstelling hebben diverse maatschappelijke groeperingen zitting en wordt een onafhankelijke normstelling gewaarborgd. Het stellen van de normen enerzijds en het toezicht houden op deze normen anderzijds, zijn bij de Erkenningsregeling gescheiden. De onpartijdige, neutrale Commissie Normstelling stelt deze normen vast. Het toezicht op de normen wordt uitgevoerd door het Centraal Bureau Fondsenwerving (CBF).

Beloningsregeling

De belangrijkste wijzigingen hebben betrekking op de Regeling beloning directeuren van goededoelenorganisaties, de Richtlijn Financieel Beheer Goede Doelen en de liquiditeitsprognose. De aanpassing van de beloningsregeling geldt met terugwerkende kracht per 1 januari 2020 en dient daarmee door goededoelenorganisaties nog meegenomen te worden in de jaarrekening over het jaar 2020. Het gevolg is dat aan de berekening van de BSD-score (Basis Score voor Directiefuncties) een subcriterium is toegevoegd.  

De beloningsregeling is een hulpmiddel voor het realiseren van gelegitimeerde en gevalideerde beloningsverhoudingen in de goededoelensector. De functiezwaarte wordt in de beloningsregeling vertaald in punten: de zogenaamde BSD-punten. Daarbij moet het gaan om aspecten die significant van invloed zijn. BSD werkt met een bepaalde onderwaarde en tussenliggende waarden.

Subcriterium Vermogensbeheer

De aanpassing in de beloningsregeling heeft betrekking op het toevoegen van het subcriterium ʽVermogensbeheer’ aan het criterium ‘Omvang van de organisatie’. Het subcriterium ‘Beheer van reserves en fondsen aan te wenden in overeenstemming met de doelstelling’, betreft het vermogen dat wordt beheerd ten behoeve van toekomstige aanwending in overeenstemming met de doelstellingen. Het beheer van deze reserves en fondsen is de verantwoordelijkheid van de directie en waarborgt zowel de organisatiecontinuïteit als de toekomstige directe bestedingen aan de doelstellingen.

Extra vaardigheden

Vermogensbeheer als subcriterium is niet ter vervanging van fondsenwerving bedoeld. Het is wel een mogelijk complicerende factor als de ontwikkeling en het beheer ervan zorgen voor bestuurlijke complexiteit. Die vraagt van de bestuurder(s) om extra activiteiten en vaardigheden. Dit is ter beoordeling van het toezichthoudend orgaan. Alleen als er sprake is van structurele impact op de rol en taken van de bestuurders(functie), is vermogensbeheer van belang. Dat is bijvoorbeeld het geval als het vermogen een dusdanige omvang heeft dat het vraagt om een structurele organisatie voor het ontwikkelen en beheren van het vermogen. Het beloningskader is met de introductie van de component vermogensbeheer niet veranderd en blijft voldoen aan de Wet normering topinkomens (WNT). Dat betekent dat de absolute maxima in de regeling niet hoger zijn dan de bedragen in de WNT.

Meer weten?

Wilt u graag meer informatie over de Erkenningsregeling voor goededoelenorganisaties? Of heeft u hulp nodig bij het opstellen van de jaarrekening? Neem dan contact op met Dion Plouvier per e-mail of per telefoon: +31 (0)88 277 13 68 . Hij helpt u graag verder.