Het pensioenakkoord en de transportsector

24 november 2020 – Transportondernemingen zijn wettelijk verplicht om zich aan te sluiten bij het Bedrijfstakpensioenfonds Vervoer. Momenteel bouwen alle werknemers van transportondernemingen in de kern dezelfde pensioenaanspraken op (uitgaande van hetzelfde salaris). De opbouw van de pensioenaanspraken vindt plaats op basis van het middelloonsysteem en zorgt ervoor dat alle werkgevers en werknemers dezelfde doorsneepremie betalen.

Premiesysteem

Het pensioenakkoord zal waarschijnlijk per 1 januari 2022 worden ingevoerd. Het pensioenakkoord heeft tot gevolg dat het middelloonsysteem moet worden vervangen door het premiesysteem. Het premiesysteem houdt in dat er geen sprake meer zal zijn van een vaststaande pensioenaanspraak, maar van een pensioenvermogen dat namens de deelnemers wordt belegd. Het op de pensioendatum beschikbare pensioenvermogen wordt vanaf de pensioendatum in maandelijkse termijnen opgenomen. De premie-inleg gedurende de werkzame periode wordt gebaseerd op een gelijkblijvend percentage en hierdoor ontstaat feitelijk een dalende pensioenopbouw ten opzichte van het huidige middelloonsysteem.

Veranderingen

Voor de werkgever die reeds is aangesloten bij het Bedrijfstakpensioenfonds Vervoer heeft het pensioenakkoord geen directe gevolgen. Enkel indien de sociale partners besluiten om de nieuwe premie, inclusief de benodigde compensatie, hoger te stellen dan de huidige doorsneepremie, gaat dit gevolgen hebben voor de werkgever.

Voor werkgevers met een vrijstelling van deelname aan de regeling van het Bedrijfstakpensioenfonds gaat er wel het nodige veranderen. Aan de vrijstelling heeft het Bedrijfstakpensioenfonds de eis gesteld dat de werkgever een eigen pensioenregeling heeft die gelijkwaardig is aan de regeling van het fonds. Afhankelijk van de gemiddelde leeftijd binnen de onderneming ligt de verschuldigde premie lager of hoger dan die van het Bedrijfstakpensioenfonds. Na invoering van het pensioenakkoord betekent gelijkwaardigheid dat de premie-inleg voor de werknemer hetzelfde is als wanneer er wel deelname aan de regeling bij het Bedrijfstakpensioenfonds zou zijn. Hierdoor wordt de werkgeverslast dus procentueel gezien gelijk aan de gevallen wanneer wel aansluiting bij de regeling plaatsvindt.

Wijzigen individuele arbeidsovereenkomst

Een belangrijk aandachtspunt van de inwerkingtreding van het pensioenakkoord betreft de noodzaak tot het wijzigen van de individuele arbeidsovereenkomst met de werknemers. Voor werkgevers die zijn aangesloten bij het Bedrijfstakpensioenfonds is deze noodzaak er niet. De toezegging is en blijft aansluiting bij het Bedrijfstakpensioenfonds. De werkgever die is vrijgesteld van deelname aan het Bedrijfstakpensioenfonds, dient de individuele arbeidsovereenkomsten (zeer waarschijnlijk) wel te wijzigen om deze in lijn te brengen met het pensioenakkoord. Voor het wijzigen van de individuele arbeidsovereenkomsten is instemming van alle werknemers, en indien aanwezig de ondernemingsraad, vereist.

Het pensioenakkoord heeft dus geen tot zeer beperkte gevolgen voor een transportonderneming welke is aangesloten bij het Pensioenfonds Vervoer, maar wel voor een onderneming welke is vrijgesteld van deze verplichte aansluiting.

Meer weten?

Wilt u meer weten over de impact van het pensioenakkoord? Neem dan contact op met uw Mazars contactpersoon of met Paul van Ravenzwaaij, Pensioenadviseur bij Pellicaan Advocaten, per e-mail of per telefoon: +31 (0)88 627 22 20. Zij helpen u graag verder.