Maatregelen ondernemingen

Op Prinsjesdag zijn de plannen voor het komende jaar officieel bekendgemaakt. Mazars heeft de belangrijkste (fiscale) voorstellen uit het belastingpakket voor 2020 voor u op een rij gezet. Wat verandert er voor u?

Hoge Vpb-tarief gaat in 2020 niet omlaag

Het hoge tarief in de vennootschapsbelasting gaat in 2020 toch niet omlaag. Het hoge Vpb-tarief blijft in 2020 25%. Per 1 januari 2021 zal het hoge tarief worden verlaagd naar 21,7%. De geplande verlaging van het lage Vpb-tarief gaat wel door. Dat tarief wordt met ingang van 1 januari 2020 16,5% en met ingang van 1 januari 2021 15%.

Geen belastingrente bij tijdig ingediende aangifte vennootschapsbelasting

Er wordt geen belastingrente meer berekend over tijdig ingediende aangiften vennootschapsbelasting. Deze maatregel wordt nu al toegepast voor belastingaanslagen over tijdvakken die aanvangen op of na 1 januari 2019. De aangifte vennootschapsbelasting is tijdig ingediend als deze is ingediend voor de eerste dag van de zesde maand na afloop van het tijdvak waarop de aangifte ziet. Als het boekjaar gelijk is aan het kalenderjaar gaat het dus om 1 juni. In zo’n geval werd er voorheen wel belastingrente berekend, namelijk als de aangifte na de eerste dag van de vierde maand na afloop van het boekjaar wordt ingediend. 

Afschaffing betalingskorting Vpb

Als belastingplichtigen de verschuldigde belasting in één keer en niet in maandelijkse termijnen betalen, krijgen zij in bepaalde gevallen een betalingskorting van de Belastingdienst. De betalingskorting voor de vennootschapsbelasting wordt per 1 januari 2021 afgeschaft. 

Nieuwe vrijstellingen assurantiebelasting

Er worden twee nieuwe vrijstellingen voor de assurantiebelasting ingevoerd. De eerste vrijstelling ziet op de zogenoemde verzuimverzekeringen en WGA- en Ziekteweteigenrisicodragersverzekeringen. Hiermee wordt de wet in overeenstemming gebracht met de oorspronkelijke bedoeling van de wetgever en met de huidige praktijk. De tweede vrijstelling betreft de brede weersverzekering, een instrument voor actieve landbouwers om voorheen onverzekerbare weersrisico’s af te dekken. De vrijstelling van assurantiebelasting moet het voor actieve landbouwers aantrekkelijker maken om een brede weersverzekering af te sluiten. 

Banken moeten ten minste 8% eigen vermogen hebben

Het kabinet gaat een renteaftrekbeperking invoeren voor banken die te veel met vreemd vermogen gefinancierd zijn. Dit is het geval als het vreemd vermogen meer bedraagt dan 92% van het balanstotaal. Valutaresultaten (op de rente) vanwege geldleningen en resultaten op afdekkingsinstrumenten van rente- en valutaresultaten in verband met geldleningen tellen voor deze aftrekbeperking niet als rente. 

Verhoging tarief innovatiebox

Als ondernemingen (bv’s, nv’s, etc.) winst maken met innovatieve activiteiten, hoeven zij over dit deel van de winst minder vennootschapsbelasting te betalen. Voor deze innovatieve winsten geldt de zogenoemde innovatiebox. Het effectieve tarief van de innovatiebox wordt vanaf 2021 verhoogd van 7% naar 9%.

Verlaging van de zelfstandigenaftrek

Om het verschil tussen zelfstandigen en werknemers te verkleinen, wordt de zelfstandigenaftrek per 2020 met acht stappen van € 250 en een stap van € 280 verlaagd van € 7.280 in 2019 naar € 5.000 in 2028. Dit betekent dat de zelfstandigenaftrek uitkomt op circa twee derde van het huidige niveau. Doordat tegenover de afbouw van de zelfstandigenaftrek maatregelen staan die de lasten verlichten (zoals de verhoging van de arbeidskorting), gaan zelfstandigen er tot en met 2028 in de meeste gevallen nog steeds op vooruit. 

Aftrekuitsluiting dwangsommen en geldboeten

Vanaf 1 januari 2020 wordt de niet-aftrekbaarheid van bestuursrechtelijke dwangsommen en vergelijkbare buitenlandse dwangsommen geregeld in de inkomstenbelasting. Via een bestaande schakelbepaling regelt de wetgever dat deze dwangsommen evenmin aftrekbaar zijn in de vennootschapsbelasting. Hetzelfde geldt voor bij strafbeschikking opgelegde geldboeten.

Aanwijzingsverbod boeten en dwangsommen

Als een werkgever zijn werknemer een bij strafbeschikking opgelegde geldboete of een bestuursrechtelijke dwangsom vergoedt, behoort deze vergoeding tot het belastbare loon. De werkgever mag zulke vergoedingen niet aanwijzen als eindheffingsbestanddelen. Hetzelfde geldt voor het vergoeden van buitenlandse dwangsommen die zijn te vergelijken met Nederlandse bestuursrechtelijke dwangsommen.

Meer weten?

Wilt u meer weten over het Belastingplan 2020, de voorgestelde wijzigingen en wat dit voor u betekent? Neem dan contact met ons op per e-mail of per telefoon: +31 (0)88 277 15 00. Wij helpen u graag verder.

>>